Auteurs: Boekholdt, S Matthijs, Khaw, Kay-Tee, Lachman, Sangeeta, Lentjes, Marleen Ah, Luben, Robert N, Mulligan, Angela A, Peters, Ron Jg, Wareham, Nicholas J
Gepubliceerd: 2 september 2015
In een prospectieve cohortstudie onder 10.043 deelnemers die van 1993 tot 2008 werden gevolgd in het kader van de EPIC-Norfolk-studie, bleek dat een optimale mate van lichamelijke activiteit onafhankelijk geassocieerd was met een lager risico op cardiovasculaire aandoeningen. Deelnemers die in de categorie met de hoogste algehele score voor cardiovasculaire gezondheid (12-14) vielen, hadden een gecorrigeerde hazard ratio van 0,07 (95% BI 0,02-0,29, p < 0,001) voor coronaire hartziekte en 0,07 (95% BI 0,02-0,23, p < 0,001) voor cardiovasculaire ziekten in vergelijking met degenen die in de laagste categorie (score 0-2) zaten. Elke individuele indicator die een optimale waarde had, waaronder lichamelijke activiteit, droeg bij aan een gunstiger risicoprofiel voor cardiovasculaire aandoeningen.
