Auteurs: Armstrong, Gregory T., Arnold, Michael A., Blaes, Anne, Conces, Miriam R., Hasan, Hasibul, Henderson, Tara O., Im, Cindy, Lu, Zhanni, McDonald, Aaron J., Monick, Sarah, Moskowitz, Chaya S., Nanda, Rita, Neglia, Joseph P., Nolan, Vikki, Oeffinger, Kevin C., Rader, Ryan K., Robison, Leslie L., Sheade, Jori, Spector, Logan G., Stene, Emily, Turcotte, Lucie M., Wolfe, Heather, Yasui, Yutaka
Gepubliceerd: 1 maart 2025
Een retrospectief cohortonderzoek, uitgevoerd in meerdere centra, evalueerde 431 vrouwelijke patiënten die als kind kanker hadden en later borstkanker ontwikkelden. Deze groep werd één op één vergeleken met een controlegroep van 344 vrouwen met primaire borstkanker. Uit het onderzoek bleek dat de overlevenden bijna 3,5 keer vaker stierven (HR 3,5, 95% BI = 2,17-5,57), ondanks vergelijkbare percentages van behandeling die overeenkwam met de richtlijnen (94% versus 93%). De aanpassingen in de behandeling omvatten een hoger percentage borstsparende operaties (81% versus 60%) en minder gebruik van radiotherapie (18% versus 61%) en anthracyclines (47% versus 66%), als gevolg van eerdere behandelingen voor kinderkanker. Deze beperkte behandelingsmogelijkheden en het verhoogde sterfterisico benadrukken hoe belangrijk het is om verdachte veranderingen in de borst bij overlevenden van kinderkanker snel te onderzoeken.
