Selenium

Aanbevolen

2 studies · 1 aanbeveling

Laatst bijgewerkt: 25 februari 2026

Selenium – Blaaskanker
Aanbevolen2 studies

Hogere seleniumwaarden worden in verband gebracht met een 33 tot 45 procent lager risico op blaas kanker.

Een grootschalige prospectieve case-cohortstudie onder 120.852 mannen en vrouwen (leeftijd 55-69 jaar), die gedurende zes jaar werden gevolgd, identificeerde 431 gevallen van blaascarcinoom bij 2.459 leden van een subgroep. Bij de deelnemers met de hoogste concentraties selenium in hun teennagels werd een significant lager risico op blaascarcinoom vastgesteld in vergelijking met de deelnemers met de laagste concentraties, met aangepaste relatieve risico's van 0,55 (95% BI: 0,38-0,79), 0,63 (95% BI: 0,43-0,91) en 0,67 (95% BI: 0,46-0,97). Dit toont een significant dosis-responsverband aan (P-trend < 0,01). De beschermende werking was het sterkst bij ex-rokers (P-trend < 0,01) en werd voornamelijk waargenomen bij invasieve overgangsepithelcarcinomen. Hoewel deze observationele bevindingen suggereren dat een adequate seleniumstatus mogelijk beschermend werkt tegen blaascarcinoom, is in deze studies geen specifieke suppletiedosering onderzocht.

Bewijs

Auteurs: Bode, G., Goldbohm, R.A., van den Brandt, P.A., Zeegers, M.P.A.

Gepubliceerd: 1 januari 2002

In een prospectieve case-cohortstudie binnen een cohort van 120.852 mannen en vrouwen in de leeftijd van 55 tot 69 jaar, die werden gevolgd van 1986 tot 1992, werden 431 gevallen van blaascarcinoom geïdentificeerd onder 2459 leden van een subcohort, waarbij gegevens over het seleniumgehalte in de teennagels beschikbaar waren. Vergeleken met de laagste kwintiel bleken de gecorrigeerde ratio's voor toenemende kwantielen van selenium in de teennagels respectievelijk 1,09 (95% BI: 0,80-1,48), 0,55 (95% BI: 0,38-0,79), 0,63 (95% BI: 0,43-0,91) en 0,67 (95% BI: 0,46-0,97) te zijn. Er was een significant verband (P-trend < 0,01). Het omgekeerde verband was het sterkst bij ex-rokers (P-trend < 0,01) en beperkte zich voornamelijk tot invasieve overgangsepitheelcarcinomen.

Auteurs: Bode, G., Goldbohm, R.A., van den Brandt, P.A., Zeegers, M.P.A.

Gepubliceerd: 1 januari 2002

In een prospectieve case-cohortstudie onder 120.852 mannen en vrouwen in de leeftijd van 55 tot 69 jaar, die werden gevolgd van 1986 tot 1992, werden bij 431 personen blaascarcinoom vastgesteld. Deze personen behoorden tot een subgroep van 2459 deelnemers waarvoor gegevens over het seleniumgehalte in de teennagels beschikbaar waren. De op leeftijd, geslacht en rookgedrag gecorrigeerde ratio's voor toenemende kwantielen van het seleniumgehalte in de teennagels bedroegen respectievelijk 1,00 (referentiewaarde), 1,09 (95% BI 0,80-1,48), 0,55 (95% BI 0,38-0,79), 0,63 (95% BI 0,43-0,91) en 0,67 (95% BI 0,46-0,97). Er was een significante trend (P-trend < 0,01). De omgekeerde samenhang was het sterkst bij ex-rokers (P-trend < 0,01) en beperkte zich voornamelijk tot invasieve overgangsepitheelcarcinomen.